Een kerk waarin geleefd mag worden

‘Een huis waarin geleefd mag worden’. Dit oude motto van een schoonmaakmiddel is me altijd bijgebleven. Want het was zo’n heerlijk beeld van een gezinnetje waarbij men zich, op zijn of haar eigen manier, vermaakte zonder rekening te houden met de troep die dat gaf. Voor iemand die het huishouden vooral zonde van de tijd vind, een ideaal scenario.
Maar, los van de stralend schone ruiten, sprak het me vooral aan dat iedereen zichzelf kon zijn.
In mijn ideale wereld zijn kerken ook zulke plekken. Zoals veel mensen hou ik van enorme kathedralen, gebrandschilderde iconen en eeuwenoude tegels. Al kunnen ze wel een tikkeltje intimiderend zijn. Maar nog blijer word ik van een klein kapelletje waar je op sokken en met een omgeslagen fleecedekentje samen stil wordt tijdens het avondgebed. Of een huiskamer waar je op zondagavond met de buren Heel Holland Bakt kijkt en op dinsdag naast ZZP’ers en ‘thuis’werkers aan de bar zit met je laptop en een koffietje. Want zoveel betaalbare werkplekken zijn er niet in Nieuw-West. Op zaterdag gebruiken we dezelfde ruimte misschien wel om onderuitgezakt op de bank een krant te lezen.
Een zaal waar op vrijdag ochtend ouders en hun jonge kinderen elkaar leren kennen en op woensdag al deze groepen aan tafel schuiven bij de BuurMaaltijd, gefaciliteerd door de Leefgemeenschap naast de kerk.
Wat geweldig dat er mensen zijn die dit mogelijk maken, omdat de kerk een beetje hun tweede huis is. Die niet alleen zorgen voor gezeemde ramen, maar ook voor werkend wifi, een zelfgemaakte tafel, koffie, agenda, website, soep en verse bloemen.
Zo werken we samen aan een uitnodigend Godshuis (van de Wijk) waar je niet hoeft te fluisteren.
Of met andere woorden: een kerk waarin geleefd mag worden.


Lisa van den Bergh
Diaconaal Opbouwwerker in Nieuw-West en blije bewoner van Leefgemeenschap Slotervaart